Het wietexperiment: Wat is het standpunt van CSCA?

Ons is vaak de vraag gesteld of CSCA zich actief moet inzetten om een rol in te nemen in het Wietexperiment. Wij hebben hier lang over nagedacht maar uiteindelijk is ons antwoord negatief en we zullen in dit artikel toelichten waarom. 


Dat de regering zich bezighoudt met het reguleren van de wietteelt zien wij als een positieve stap. Helaas is het plan van de regering op meerdere punten teleurstellend. De recente Algemene Maatregel van Bestuur waarop iedereen via internetconsultatie tot de kerst kon reageren heeft veel zware kritieken geoogst. Voor interessante reacties verwijzen we graag naar de bijdragen van onze leden: Has Cornelissen en Derrick Bergman. Wij, als Tree of Life, CSCA, hebben besloten om niet direct te reageren.

De ministers van Justitie en Volksgezondheid hebben namelijk gekozen om  het experiment met een gesloten keten tot de coffeeshops te beperken. Andere distributiemodellen, waaronder de non profit Cannabis Social Club zijn zonder overtuigende motivering buiten beschouwing gelaten. Het onderzoeksproject van de Tree of Life, CSCA was bovendien al lang bij het ministerie van VWS bekend, De Gemeente Amsterdam heeft in de laatste  jaren regelmatig met het Bureau Medicinale Cannabis daarover contact  gehad  en zelf ervoor gepleit dat onze aanvraag voor een Opiumontheffing werd gehonoreerd. Het is een raadsel dat de minister van Volksgezondheid niet eens heeft overwogen om het wetenschappelijk onderzoek van CSCA mee te nemen in het nieuwe beleid. Daar hebben we ook expliciet om verzocht. Dat de minister daar geen gehoor aan heeft gegeven geeft al op zich blijk van onwil en beperkte visie. 


Wij willen hier volledigheidshalve wel aangeven op welke punten het plan van de regering tekort schiet: 


a) De juridische voorwaarden. De regering weigert om van tevoren een standpunt te nemen of een legale cannabis keten mogelijk is en kiest voor een rare constructie: een experimenteerwet met een beperkte tijdsduur. Na afloop van het experiment zou het oude systeem weer worden hersteld. In het kader van het experiment blijven handelingen zoals telen, bewerken, vervoeren en aanwezig hebben van cannabis strafbaar. Bij het experiment zelf mag er ook geen sprake zijn van een legaal-economisch systeem. 
Dat biedt onvoldoende rechtsbescherming voor de deelnemers. De minister vraagt namelijk op paradoxale wijze om “illegale” activiteiten te verrichten onder een tijdelijke vrijwaring van straf. De vraag is of er ondernemers zijn die onder deze voorwaarden bereid zijn om te investeren. Ook banken zullen naar verwachting weigeren om hun medewerking te verlenen.


b) Het perspectief van de consument ontbreekt. Het experiment biedt in de huidige opzet geen ruimte voor actieve deelname van consumenten in de vorm van bijvoorbeeld een evaluatie panel. Dat heeft zeker te maken met de beperkte mogelijkheden van de gekozen juridische constructie: een consument blijft uiteindelijk nog steeds strafbaar voor het aanwezig hebben van experimentwiet. 


c) De wetenschappelijke onderbouwing van het experiment: de interventie (6 à 10 Gemeenten) is te beperkt om tot valide conclusies te komen met betrekking tot het impact op de volksgezondheid, de criminaliteit en allerlei effecten op de openbare orde. Het risico is dat een onvoldoende onderbouwd experiment tot misleidende conclusies leidt.


Onze conclusie is dat wij beter ons oorspronkelijk plan kunnen voortzetten en eventueel verfijnen. Ondanks een eerste afwijzing zijn we er nu nog meer van overtuigd dat er juridische ruimte is voor ons project. Terwijl de ministers bij het uitwerken van het experiment duidelijk hebben laten zien dat politieke keuzes voorrang hebben ten opzichte van juridische en wetenschappelijke onderbouwing, zullen wij de discussie blijven voeren alleen op basis van zuiver wetenschappelijke argumenten

De Redactie van de Tree of Life, CSCA, 7 januari 2019